Bedrijfsarts

  • Geschreven door: // Categorie: Dagboek

    10 reacties

    Een beetje onwennig zit ik ik in de wachtkamer. “Niet aanbellen, u wordt opgehaald”, staat er in schreeuwende letters op verschillende posters. Ik wacht braaf, maar een beetje recalcitrant word ik wel van dit soort uitingen. Ik zie een deurklink bewegen. Er komt een vrouw stil huilend uit De Deur.Ze zet de deurop een kier en glipt de wachtkamer in. Ik vraag me af waarom. Ik smijt deuren open als ik er door wil. Ik eis mijn eigen ruimte op, de hele wereld mag weten dat ik er ben. Zij gebruikt de ruime deurpost en de wachtkamer niet. Ze lijkt zich zo klein te voelen, dat een opening waar mijn bovenbeen nog niet doorheen past, groot genoeg moet zijn. Het kan ook zijn dat de deur bij mij wel zo wijd open moet omdat mijn ego er anders niet doorheen past. Ik grinnik om mijn eigen grap. Wachtkamers halen het ergste in mij naar boven.

    Ze sleept zich naar de lift en kijkt me wat schuchter aan. Ik knik bemoedigend. Op plekken als deze word ik altijd razend nieuwsgierig. Dat heb ik in ziekenhuizen ook. Onwillekeurig deel ik alle patiënten in. Ik fantaseer er hele verhalen bij en in mijn hoofd spelen zich dan de wildste scenario’s af. Ik zou een enorm goede scenarioschrijver zijn geweest voor Medisch Centrum West. Of Goede Tijden Slechte Tijden, op zijn minst. Ik zweer het.

    Net toen ik had besloten dat de huilende vrouw vast zwaar overspannen was en in moeilijke scheiding lag met haar bijna-ex man die veel te veel dronk, zwaaide De Deur wijd open. Ah, nog iemand met een groot ego, schiet er door me heen. “U bent”. Zijn blik glijdt van mij naar S. Zelf autorijden mag niet, dus S. had me gebracht. Ik stap naar voren en de ArboUnie-man glimlacht. Ik wil hem een hand geven, maar hij is de lange gang al ingewandeld. “Wij hebben elkaar schijnbaar ooit al eens gezien op de kazerne in E.” Ik antwoord bevestigend. Hij rent de gang door en hoewel mijn benen langer zijn dan zijn hele skelet bij elkaar, houd ik hem maar moeizaam bij.

    “Ga zitten. Wij hebben elkaar al eens ontmoet, maar kennen elkaar niet. Vorige week vertelde een collega mij al over u, maar er ging geen lichtje branden. Zit u vaker op de kazerne in E.? Zoveel vrouwen zitten daar niet, en ik ken alleen die ene, maar dat bent u niet, en die andere. Die moet u wel kennen. Dat blonde springerige meisje. Ze brengt de sfeer er altijd goed in. Weet u wie ik bedoel? Altijd blij en plezierig”.

    “Ik denk dat u mij bedoelt. Ik hoop het althans, want meer dames zijn er niet daar”. Oei, dit vindt hij vervelend. Hij zet zijn bril af en kijkt me aan. Stopt het pootje van zijn bril in zijn mond, zoals alleen artsen dat doen. “Neemt u mij niet kwalijk. Ik had u niet herkend, wat vind ik dit vervelend”. “Het is mijn haar, denk ik. Er is ongeveer een halve meter haar weg, dus daardoor heeft u me niet herkend”.

    De rest van het gesprek is minstens zo animerend als het begin. We bespreken alles wat besproken moet worden. Hij vindt het allemaal ontzettend interessant. Hij overlaadt me met tips, houdt me spiegels voor. Vertelt me alles wat hij van hersenen weet. Geeft me een lesje anatomie. Vraagt me alles over de operatie. Over mijn klachten van voor die tijd. Maakt grapjes. Is bang dat hij te veel praat en vraagt of het licht uitmoet. Of ik liever met mijn rug naar het raam zit in verband met prikkels. Luistert naar mijn herstel tot nu toe. Klapt in zijn handen voor het feit dat ik de rollator de deur heb gewezen, lacht om mijn volhardendheid in het oefenen van tekstschrijven. Is verbaasd over de creativiteit daarbij: Wordfeud. Maar is ook wat verontwaardigd over het ziekenhuis in Z. Die hadden in 2009 direct moeten ingrijpen, is zijn snelle conclusie.

    Dan vraagt hij hóe ze precies geopereerd hebben. Ik laat trots mijn litteken zien. “Kijk hoe mooi! Het is al bijna niet meer te zien”. Hij is verbaasd over de snelle genezing van de wond. Maar is ook resoluut: “Dit is geen wond. De wond zit op een plek die jij en ik niet kunnen zien. Ze hebben in je hersenen gesneden. In je hersenvliezen, door je schedel, tussen belangrijke zenuwen door. Maar volgens mij begrijp je zelf de impact nog niet. Die fikse streep over je hoofd is niet de werkelijke wond. Dat is een resulaat van een immense ingreep. Wacht maar. Alles wat ik je nu vertel landt ooit nog wel. Want we hebben het nu over je fysieke herstel, maar ook emotioneel komt de klap nog wel”.

    Ik kijk hem aan. Trek mijn wenkbrauwen onwillekeurig op. “Je kijkt spottend, maar ik heb gelijk”. De komende vijf weken doe je helemaal niets. Daarna kijken we wel verder. Je bent gewaarschuwd”.

    • Facebook
    • Twitter

Reacties

10 reacties op Bedrijfsarts

  • Laura wrote on May 9, 2012 at 2:18 // Reply

    Eindelijk een bedrijfsarts die het snapt… Die wond zit inderdaad van binnen. Emotioneel een klap? Na, dat betwijfel ik, je bent een sterke vrouw, dat weet hij natuurlijk dan weer minder goed dan wij 😛

  • Nienke wrote on May 9, 2012 at 2:37 // Reply

    Hahaha hij heeft gelijk hoor. Nu zit je nog in je achtbaan met je doel: herstel. Denk je niet na maar is het vooral gáán. ‘dit doen we even. Wanneer begint het normale leven weer?’ en als dat normale leven weer begint, dán pas ga je nadenken. Dan besef je pas wat je gedaan hebt. Welke wereldprestatie je geleverd hebt. Die gouden medaille die je verdiend hebt. En pas dan schrik je. En verwerk je. Nu nog niet, maar echt, het gaat komen die emotionele klap. Echt.

  • Nienke wrote on May 9, 2012 at 2:40 // Reply

    Wil niet zeggen dat je een enórme klap krijgt, want want Laura ook zegt: je bent een sterke vrouw. Dus we houden het er maar op dat het een tikje wordt. En na al die klappen die je al gehad heb haal je natuurlijk je schouders op van een klein tikkie. Toch? 😉

  • terry wrote on May 9, 2012 at 6:01 // Reply

    wat een arts is die man ik ken hem maar al te goed dus ik zou maar luistern naar hem MiSS L gr uit E

  • Paul van der Pol wrote on May 9, 2012 at 6:06 // Reply

    ik dacht ook dat ik het allemaal wel zou kunnen…. Luistert, A, en doe er je voordeel mee…

  • Heleen wrote on May 9, 2012 at 7:05 // Reply

    Kom je in die vijf weken verplichte inwendige hersteltijd een keertje naar Joure om koffie te drinken? Dan zet ik de garagedeur wijd voor je open! Het is niet je ego hoor. Het is je aura…dat past niet door de deur:)

  • Erna wrote on May 10, 2012 at 8:01 // Reply

    Lieve Agaat, het was leuk om je afgelopen dinsdag te zien toen jullie J. ophaalden met het gezin maar ik vrees dat de bedrijfsarts een wijs woord heef gesproken!!!!!!!!!!

  • Patrick RP (VRF) wrote on May 10, 2012 at 9:53 // Reply

    Missed it, but it all came back. thx

  • Marian Mulder wrote on May 12, 2012 at 6:31 // Reply

    Wees maar blij met zo’n bedrijfsarts, voorlopig heeft hij alleen maar jou belang voor ogen. Ik vrees dat hij gelijk heeft bij mij kwam de emotionele klap weken na de operatie. Mijn huisarts heeft me doorverwezen naar een klinisch spycholoog. Die gesprekken hebben me enorm geholpen om inzicht te krijgen in waar ik het meest last van had.

    Liefs uit Almere

  • Marian Mulder wrote on May 12, 2012 at 6:32 // Reply

    psycholoog natuurlijk, je ziet wel ook bij mij gaat het typen nog niet vlekkeloos

Leave a Reply

Vul de velden in om je reactie achter te laten. Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.